Kerk Tjalleberd
beschildering vier evangelisten
Kerk & gemeente
Kerk de Knipe
350 jaar nijbrongergeatsjerke
Klokkenstoel Gersloot
Klokkenstoel Luinjeberd
Kerk Tjalleberd

Op 27 juli 1626 werd door de ingezetenen vanTjalleberd, samen met de Grietman Hypolitus Roeloffs Crack, de secretaris Johannes Crack en de predikant Lieucke Bonnes aanbesteed het afbreken van de oude en het bouwen van een nieuwe kerk zonder toren, maar met een klokkenstoel.

Aannemers waren Claes Pietersz en Wytse Roeloffs voor een bedrag van 900 carolus guldens.

Men is in 1626 grondig te werk gegaan. Van buiten lijkt de kerk op een heuvel te staan, maar binnen blijkt de grond onder de vloer tot op het vaste zand uit een 2 meter dikke laag met hier en daar puin te bestaan. De funderingen voor de kerk werden met voor die tijdgebruikelijke baksteen vanaf het vaste zand opgetrokken. Op diverse plaatsen in de fundamenten heeft men echter wel vele kloostermoppen van de oude kerk verwerkt. Aan de hand van de afmetingen van de gevonden kloostermoppen denkt men de bouwperiode van de oude kerk te kunnen dateren rond de tweede helft van de dertiende eeuw of nog iets eerder.


De St. Pancraskerk van Oldeboorn onderhandelde in 1315 met de bisschop van Utrecht over de onderhorigheid van 42 kapellen, waaruit het decanaat “Bornego” viel af te leiden. Ook Gersloot, Tjalleberd, Luinjeberd en Terbant vielen hieronder. De zeldzame en daarmee bekende oorkonde uit 1315 waar dit uit blijkt sterkt de historici in deze datering.

In 1742 werd dit gebouw opgeknapt / vervangen door het huidige zoals deze na uitbreiding en aanpassing in 1830 en 1950 nog steeds in gebruik is (zie ook de gedenksteen boven de westelijke ingang).



De huidige kerk is van oorsprong een zaalkerk met in 1830 een vergroting / uitbreiding in noordelijke richting. Het interieur van de kerk is eenvoudig. De preekstoel met ruggeschot en klankbord van eikenhout, daterend uit de tweede helft van de zeventiende eeuw, ooit gesitueerd aan de oostgevel, vormt samen met het doophek en orgel het hoogtepunt. Aan weerzijden van de preekstoel is een Glas in Lood raam gesitueerd. Op deze ramen staan de vier evangelisten afgebeeld















Klik op een afbeelding voor de beschrijving van de ramen.

 

Ook bij de restauratie in 2000 zijn deze onderdelen in het esthetische vlak hun prominente plaats blijven behouden. Het gemis van banken in de “oude kerk” gaf het gevoel van leegheid, die als onecht en niet passend werd ervaren. Hier zijn dan ook nu banken geplaatst Deze banken, afkomstig uit de voormalig gereformeerde kerk, zijn nu een zelfstandig element in de kerkruimte, contrasterend met de preekstoel en het doophek. De banken zijn in een dekkende kleur geschilderd, passend bij de lambrisering en bij de originele kleuren van het pafond en de vloer. Om het geheel niet te massaal te laten lijken en om toch ook over enige multifunctionele ruimte te beschikken, zijn de banken voor een deel in de noordbeuk vervangen door stoelen. De gesloten banken achter in de kerk zijn daarbij bewaard gebleven.

Het plafond was bekleed met zachtboardplaten (sinds 1950) met daarachter het oorspronkelijke tongewelf . Deze zachtboard platen zijn verwijderd en het gewelf is weer beschilderd in de oorspronkelijke kleuren. Wel is er een nuance verschil aangebracht in de kleur van het gewelf van de “oude kerk” en die van de latere uitbreiding in 1830.Omdat ook bleek dat het gewelf doorliep tot in de toren is de daar aanwezige schrootjeswand verwijderd. Hiermee is ook het inmiddels monumentale uurwerkmechanisme zichtbaar gemaakt.

De aanwezige vloerbedekking werd verwijderd en de houten vloer is ook weer in de oorspronkelijke kleuren geschilderd. Het verwijderen van de genoemde zachtboardplaten en de vloerbedekking heeft ook een aanmerkelijke verbetering van de akoestiek gegeven.

De lambrizering was vrij hoog en is met deze laatste restauratie flink omlaag gebracht, hetgeen de verhouding met de gepleisterde wanden ten goede komt.

Bij het verwijderen van de hier aanwezige hardboardplaten bleek dat de bestaande planken ooit waren gemarmerd. Dit schijnt voor die tijd, voor een kerk als die van ons hier in Tjalleberd, heel bijzonder te zijn geweest. Uiteraard is ook nu gekozen om de gerestaureerde en deels vernieuwde lambrizering te marmeren. Door in het in 1830 erbij gebouwde deel deze lambrizering niet aan te brengen is wederom geprobeerd dit tijdsverschil aan te geven.

Tijdens de laatste restauratie in 2000 is ook de wand onder het galerijfront verplaatst, waarmee weer de historisch gezien juiste plaats is gereconstrueerd. Vanwege het aanbrengen van het toilet en een nieuwe trapdoorgang moest er een geringe concessie worden gedaan aan de mate waarin de wand naar achteren kon worden geplaatst.

Gedurende de jaren zijn er nieuwe elementen toegevoegd die hoorden bij die tijd.

Zo was dit al in 1830 toen de noordvleugel er werd bijgebouwd. Een periode later werd het orgel geplaatst, weer later werd het elektrisch aangelegd en werd het zo mogelijk om het uurwerk maar ook het orgel hierop aan te sluiten. Zo is er dan nu gekozen voor een verlichting die weer past bij onze tijd. Een moderne verlichting waarover de meningen wel uiteen lopen van vreselijk tot bijzonder mooi.

Over het al even genoemde orgel valt ook nog wel e.e.a. te vertellen.

Het orgel in deze kerk is gebouwd in 1869 door de firma Van Dam. Deze orgelmakerij was gevestigd te Leeuwarden en behoort tot de belangrijkste die ons land gekend heeft. Gesticht in 1777 door Lambertus van Dam hield het bedrijf stand tot in de vierde generatie. In1926 trok de laatste Van Dam zich terug uit het bedrijf. Het instrument in deze kerk werd vervaardigd door de derde generatie. Het front van dit orgel is vijfledig: een groot, vlak middenveld wordt geflankeerd door ronde toren en vlakke zijveldjes. Dit fronttype werd door de firma diverse malen toegepast, o.a. in Leeuwarden ( Lutherse kerk ), Oudwoude ( N.H. kerk ) en Oosterend  Texel ( De Doopsgezinde kerk). Zoals ook in Tjalleberd blijkt waren de Van Dam orgels in deze periode rijk gedecoreerd met snijwerk, waarvan de motieven vaak waren ontleend aan de barokke interieurkunst in het Frankrijk van het eerste kwart van de achttiende eeuw. Overigens was de firma Van Dam in de periode rond 1870 zo ongeveer “hofleverancier” in deze regio; instrumenten van het bedrijf vinden we o.a. in Terband ( N.H. 1887 )          Tjalleberd ( Doopsgez 1888 )  Heerenveen (N.H. Herenwal 1866 en N.H. Fok 1872 ).

Over de klok nog even het volgende:


Vermoedelijk heeft de kerk bij de verbouwing in 1830 weer een toren gekregen. De klokkenstoel waarin twee klokken hingen zou zijn afgebroken. In de toren van Tjalleberd bleef één klok. Het opschrift in de tekstband luidt:

 Petrus*Overney*Heeft*My*Gegooten*In Leevwaerden*Anno*1670*

Op de flank staan vier wapens;

wapen 1;

Dr Iacobus*Bouricius*/Grietman*Over*Ængwerden*Ende*Steadt*Genereal*Mede Gecommiteerde?Ter*Admiraliteidt*Tot/Amsterdam/1670*

Wapen 2;

Dominicus*Ensius/DePastor In Ængwerden*

Wapen 3;

Gelijk aan wapen 1 zonder opschrift

Wapen 4;

Ubele*Minkes*Kerck*Vooght*In*Tiallebirdt

Haar diameter is 853mm en haar gewicht zal ca.335Kg zijn.



WelkomGeschiedenisBeleidsplanOverzichts PaginaKinderkringNeem contact opANBIWebmailDownloads